U bevindt zich hier:

Vangkooi Zwarte Kraai

Vanaf mei 2010 heeft de FBE een ontheffing op voorhand voor het doden van zwarte kraaien met behulp van vangkooien al dan niet voorzien van een lokvogel ter voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, bij ontbreken van andere bevredigende oplossingen.

Men kan slechts van de ontheffing gebruik maken op percelen waar er door Zwarte Kraaien belangrijke schade dreigt of veroorzaakt wordt of maximaal 100 meter daarbuiten, gedurende de periode dat het gewas schadegevoelig is, nadat ter plaatse preventieve maatregelen zijn genomen volgens de ontheffingvoorschriften. Deze moeten ook aanwezig blijven GEDURENDE de inzet van de kooi, anders wordt de ontheffing bij controle mogelijk ingetrokken.

Men dient goed de voorwaarden voor de vangkooi na te leven volgens de deelontheffing van de provincie. Onder andere moet een kooi dagelijks gecontroleerd worden en er dient een schuilmogelijkheid en vers drinkwater aanwezig te zijn. Alle andere dieren dan die soort waarvoor de kooi operationeel is gesteld moeten ongemoeid worden vrijgelaten bij de verplichte dagelijkse controle.

De WBE bepaald waar en wanneer de vangkooi wordt ingezet, vergelijkbaar met de coördinatie van het inzetten van kunstlicht. Zij dient hierbij rekening te houden met de belangen van alle in haar werkgebied aanwezige grondgebruikers, ongeacht of een grondgebruiker de jacht en/of schadebestrijding heeft ingebracht bij een WBE lid of niet.

In het belang van een goede uitvoering, lichten wij in het navolgende een aantal bepalingen genoemd in de deelontheffing en onze toestemming nader toe:

Rapportage:

Per WBE mag slechts het maximum aantal kooien zoals genoemd in de toestemming voor deze diersoort ingezet worden. De planning hiervan ligt bij de WBE. De WBE houdt van het gebruik en de resultaten van de inzet van de vangkooi een rapportage per diersoort bij.

Op het rapportageformulier moet PER OPERATIONELE KOOI vastgelegd worden de exacte periode dat een kooi operationeel was en het aantal gedode dieren in de operationele periode.

Na afloop van de ontheffingperiode wordt dit formulier aan de FBE toegestuurd als eindrapportage. Tussentijds is deze rapportage geheel of gedeeltelijk op eerste verzoek van handhavende instanties en de FBE toe te sturen in verband met de controles.

Desgewenst is een voorbeeld rapportageformulier te downloaden via de website www.faunabeheereenheid.nl/limburg/WBE/Beheerenschadebestrijding/

U kunt iedere jacht- of valkeniersaktehouder of groep van jacht- of valkeniersaktehouders een rapportageformulier laten invullen maar u moet deze in één zending naar het secretariaat van de FBE sturen. De formulieren kunt u naar eigen behoefte kopiëren.

Let op: Wij verzoeken u wanneer u deze ontheffing doorschrijft naar jacht- of valkeniersaktehouders hen te wijzen op het feit dat indien niet wordt voldaan aan de rapportageplicht dit een overtreding is van de Flora- en Faunawet en kan daarmee gevolgen hebben voor de jacht- of valkeniersaktehouder. Daarnaast kan het niet voldoen aan de ontheffingvoorschriften leiden tot het intrekken van de ontheffing of het niet meer mogen afgeven van een toestemming aan een jacht- of valkeniersaktehouder.

In het werkgebied van een WBE kunnen op grond van deze toestemming bijvoorbeeld 20 vaste vangkooien opgesteld staan, mits er maar nooit gelijktijdig meer dan het maximale aantal volgens de toestemming OPERATIONEEL is. Kooien die dusdanig zijn afgesloten zodat er in het geheel geen dieren in opgesloten kunnen geraken OF juist helemaal zijn opengezet worden niet beschouwd als operationele kooien. Wel dient men ervoor te zorgen dat de kooi zo gemaakt is dat derden niet een kooi operationeel kunnen maken zonder toestemming van de ontheffinggebruiker (dus een slot op de klep of deur, of de deur verwijderen…).

Gebruik door jacht- en valkeniersaktehouders en grondgebruikers:

Voor uitvoering van de schadebestrijdingsacties kan de WBE de deelontheffing doorschrijven naar jacht- en valkeniersaktehouders en grondgebruikers. De voorwaarden die hiervoor gelden, zijn genoemd in de deelontheffing.

Let op: Indien deze ontheffing wordt doorgeschreven naar een grondgebruiker dan dient de WBE dit eerst vooraf te melden bij het secretariaat van de Faunabeheereenheid. Grondgebruikers die niet in het bezit zijn van een jacht- of valkeniersakte dienen namelijk vooraf geïnstrueerd te worden door een provinciaal toezichthouder. De Faunabeheereenheid zal zorg dragen dat een afspraak zal worden gemaakt voor instructie.

Melden van het ontheffinggebruik:

De toestemming tot ontheffinggebruik is op voorhand verleend. Gebruik van de ontheffing ligt pas in de rede nadat gebleken is dat andere toegestane middelen niet of niet voldoende effect hebben. In de ontheffing is bepaald dat een schadebestrijdingsactie tenminste één dag vooraf bij het secretariaat van de Faunabeheereenheid moet worden gemeld, met daarop o.a. de ligging van de kooi en het schadeperceel op een kaart aangegeven als ook het gewas, de periode dat de kooi operationeel zal zijn en welke preventieve middelen al ingezet zijn.

Let op: als men deze periode te lang kiest, blokkeert dit het inzetten van een kooi op andere schadelocaties!

Na melding heeft de provincie Limburg de gelegenheid een veldcontrole uit te voeren teneinde te beoordelen of in een voorkomend geval sprake is van een situatie waarvoor geen andere bevredigende oplossing bestaat.

De verplichte melding bepaald de aard van de kooi, dus in een kooi gemeld voor Kauwen mogen geen Zwarte Kraaien gevangen en gedood worden.

Geldt alleen voor WBE’s die zowel een ontheffing Vangkooien voor Zwarte Kraaien als Kauwen hebben ontvangen: Indien men zowel Zwarte Kraaien als Kauwen wil vangen in dezelfde kooi om ze te doden, moet dit via TWEE meldingsformulieren worden gemeld, en wordt dit als het inzetten van twee kooien gelijktijdig op dezelfde plaats beschouwd. Er moeten dus twee kooien van het maximaal nog binnen de WBE in te zetten aantal worden afgehaald. Op het rapportageformulier moet dit apart PER DIERSOORT geregistreerd worden.

Let op: in Zuid-Limburg, gemeente Sittard-Geleen en alle onderliggende gemeentes, mogen Kauwen slechts een deel van het jaar en in beperkte aantallen worden gevangen en gedood. Kauwen die buiten de toegestane periode in een kooi voor Zwarte Kraaien gevangen worden dienen ongemoeid te worden vrijgelaten.