De flora en faunawet beschermd alle aangewezen inheemse dier en plantensoorten.
In sommige gevallen staat de wet het toe dat van deze bescherming kan worden afgeweken
De handelingen vinden dan plaats op basis van de artikelen 65, 66, 67 en 68 van de Flora en faunawet. De handelingen die dan plaats vinden worden samengavat onder Beheer en Schadebestrijding.
Handelingen zijn verschillend van aard en mate van ingrepen. De handelingen vinden plaats ter voorkoming of te bestrijding van schade aan in de wet gestelde belangen (zie erkende belangen).
Handelingen kunnen plaatsvinden op basis van een vrijstelling, een aanwijzing of een ontheffing. In het kader van gecoördineerd beheer wordt ook de bestijding van onbeschermde dieren en exoten onder deze handelingen gerekend.