
Konijnen op sportvelden
Beheerplan 2007-2011

April 2007
Aanvraag ontheffing op voorhand voor het bestrijden van
konijnen op sportvelden
in de gehele provincie Noord-Brabant.
Voor de periode 2007-2011
Faunabeheereenheid Noord-Brabant
april 2007
Per 1 januari 2005 voert de Faunabeheereenheid de Een-loket-functie uit.
Dit betekent dat alle aanvragen voor handelingen welke worden uitgevoerd op basis van artikel 68 van de Wet, door de Faunabeheereenheid worden begeleid.
Zowel de aanvraag als het verlenen van de machtiging tot het uitvoeren van handelingen op basis van een verleende ontheffing worden door de Faunabeheereenheid gecoördineerd.
Alle handelingen vinden plaats conform de werkwijze van de faunabeheereenheid, zoals vast gelegd in het Faunabeheerplan en de voorwaarden in de machtigingen.
In de afgelopen twee jaar van uitvoering is geconstateerd dat regelmatig ontheffing wordt aangevraagd voor het bestrijden van konijnen op sportvelden.
In 2005 waren dit 8 aanvragen, in 2006 waren dit 11 aanvragen en in 2007 staat de teller reeds op 4 aanvragen.
Ontheffingen werden aangevraagd wanneer konijnen binnen de bebouwende kom bestreden moesten worden of wanneer er gebruik gemaakt diende te worden van kunstlicht.
In veel gevallen was het niet nodig een ontheffing aan te vragen, omdat de handelingen konden worden verantwoord op basis van de landelijke vrijstelling.
In deze gevallen konden konijnen worden bestreden, omdat aangrenzend ook landbouwgronden aanwezig zijn waar konijnen schade aan konden richten.
Veel sportvelden zijn aan de rand van de bebouwing gelegen. Veelal houden konijnen zich overdag op in aangrenzende terreinen.
Gezien het feit dat deze situaties met regelmaat voorkomen en in nagenoeg alle gevallen de ontheffing wordt verleend, is het verantwoord een ontheffing op voorhand voor de betreffende situatie aan te vragen.

Sportvelden zijn vaak aan de rand van de bebouwde kom gelegen en daardoor makkelijk bereikbaar voor konijnen
INHOUD
KWANTITATIEVE GEGEVENS M.B.T. DE POPULATIES 7
MATE WAARIN BELANGEN IN HET VERLEDEN ZIJN GESCHAAD. 7
NOODZAKELIJKE HANDELINGEN VOOR HET BEREIKEN VAN NULSTAND 9
VERWACHTING VAN HET AANTAL HANDELINGEN 12
AFWIJKING 40 HA REGEL VOOR HET GEBRUIK VAN VUURWAPENS 14
VEILIGHEIDSVERKLARING (BIJ AFWIJKING 40 HA EIS) 16
Op 27 juni 2006 heeft G.S. het tweede door de Faunabeheereenheid Noord-Brabant opgestelde faunabeheerplan goedgekeurd.
In dit plan zijn de belangen vermeld die volgens de Wet met regelmaat kunnen worden geschaad.
Ook het belang schade aan sportvelden is een belang dat onder de Flora en Faunawet wordt benoemd.
Vanwege de grote regelmaat waarin ontheffing wordt aangevraagd voor het reguleren van konijnen op en rond sportvelden, heeft de provincie Noord-Brabant de Faunabeheereenheid verzocht verdere planmatige uitwerking aan te leveren.
Onder de jachtwet was het konijn jaarrond bejaagbaar. Dit betekende dat wanneer er zich problemen voordeden men direct over kon gaan tot ingrijpen. Onder de flora en faunawet is het konijn niet meer jaarrond bejaagbaar. De vrijstelling die wel jaarrond is, geldt alleen in relatie tot schade aan gewassen.
Wanneer sportvelden aan de rand van de bebouwing gelegen zijn en de mogelijkheid daar is kan op korte termijn iets gedaan worden aan populaties die overlast veroorzaken.
Dit gebeurd dan in relatie tot aangrenzende landbouwpercelen.
Er zijn echter ook sportvelden waar dit niet mogelijk is vanwege de ligging. Ook is het mogelijk dat de mogelijkheden van de vrijstelling de handelingen onvoldoende dekken.
Zo is het gebruik van kunstlicht een ontheffingsplichtige handeling. Ook de inzet van jachtvogels en het gebruik van fretten en buidels binnen de bebouwde kom wordt geacht niet onder de vrijstelling te vallen.
De beleidsnota 2006 van de provincie zegt over schade van konijnen op sportvelden het volgende:
Konijn op sportvelden
GS verlenen bij voorkeur ontheffing aan de Faunabeheereenheid op basis van een door GS goedgekeurd faunabeheerplan. Indien dit nog niet aanwezig is, dient bij individuele aanvragen een goede onderbouwing van de noodzaak voor ontheffing te worden geleverd. De schade aan sportvelden bestaat vooral uit vernieling van (heringezaaide) grasmatten en het graven van holen en gaten. Persoonlijk letsel is niet uitgesloten.
Bij sportvelden gaat het normaliter om grotere oppervlakken, die door middel van een afrastering niet eenvoudig vrij zijn te houden van konijnen. Een voor konijnen effectieve afrastering brengt grote maatschappelijke kosten met zich mee. Door aanpassingen aan de dekking biedende beplanting rondom kwetsbare terreindelen kan de konijnenpopulatie zoveel mogelijk worden teruggedrongen.
Konijnen zijn in principe te bestrijden met fret en buidel.
In voorkomende gevallen kan voor konijn gebruik van het geweer noodzakelijk zijn. Aansluiting op een bejaagbaar jachtveld is daarbij na wijziging van de Flora- en faunawet niet meer vereist, zodat GS ook ontheffing voor kleinere oppervlakten dan 40 ha kunnen geven. In dit soort specifieke situaties dient bij een aanvraag concreet in beeld te worden gebracht waarom preventieve maatregelen niet toereikend zijn om schade te voorkomen. Tevens dient aard en omvang van de schade te worden geconcretiseerd.
Procedures voor het verlenen van de ontheffingen nemen tijd in beslag dit terwijl in de meeste gevallen bij het aanvragen van de ontheffing het schadebeeld reeds duidelijk aanwezig is.
Onderliggende deelplan geeft invulling aan de wens deze ontheffing te koppelen aan het reeds goedgekeurde faunabeheerplan. In de eerder door G.S. vastgestelde beleidnota 2002-2006 was dit nog niet opgenomen.
In de afgelopen jaren zijn een groot aantal ontheffingen aangevraagd voor het bestrijden van konijnen op sportvelden. In de periode 1 april 2002 tot 1 januari 2005 zijn bij de provincie ca 35 verzoeken ingediend voor het bestrijden van konijnen op sportvelden.
In de afgelopen twee jaar zijn door de FBE 23 aanvragen in behandeling genomen om konijnen te mogen bestrijden op en rond sportvelden. Het betreft alleen aanvragen voor het gebruik van kunstlicht of het inzetten van jachtvogels en/of het gebruik van fret en buidels binnen de bebouwde kom
Het doel van deze aanvraag is dan ook dat deze leemte structureel wordt ingevuld.
Er is geen zicht over het aantal situaties waarin geen ontheffing is aangevraagd, maar waar de handelingen op basis van de vrijstelling zijn uitgevoerd.
De ontheffingen in de afgelopen 2 jaar zijn aangevraagd in 16 verschillende gemeenten met name in het oosten van de provincie. Reden hiervoor is dat konijnen in het oosten van de provincie meer voorkomen op de daar aanwezige zandgronden. Neemt niet weg dat schade aan sportvelden zich in de gehele provincie voor kan doen. Ook voor sportvelden in de gemeente Breda is ontheffing gevraagd om konijnen te mogen reguleren ter bestrijding en voorkoming van schade.
De aan te vragen ontheffing dient dan ook het gehele werkgebied van de Faunabeheereenheid te bevatten.

Bestrijding is niet het doel maar in het kader van de veiligheid wel noodzakelijk
Dit werkplan is een uitwerking van de in het faunabeheerplan geconstateerde behoefte om ook de schade aan sportvelden door konijnen op planmatige wijze via de Faunabeheereenheid uit te laten voeren.
Konijnen zijn een algemeen voorkomende inheemse diersoort. De laatste decennia zijn de populaties drastisch terug gelopen als gevolg van ziektes Myxomatose en VHS.
De laatste jaren is toch weer een kleine stijging waar te nemen van de populaties. Met name populaties in afgezonderde locaties zijn toegenomen.
Door het grote reproductievermogen van konijnen kunnen in korte tijd locaal grote populaties ontstaan.
Sportvelden dienen o.a. ter bevordering van de volksgezondheid. Activiteiten kenmerken zich door de vele bewegingen die op velden plaats vinden. Veelal worden deze activiteiten uitgevoerd in team- verband en/of met behulp van b.v een bal. Dit heeft tot gevolg dat de aandacht van sporters gericht is op medesporters of op de bal. De aanwezigheid van een stabiel en egaal veld (ondergrond) is hierbij noodzakelijk.
Als gevolg van vraat- en graaf activiteiten kan de graszode op plekken worden beschadigd. Op deze locaties ontstaat een minder stabiele ondergrond waardoor men zich kan verstappen of op een andere manier blesseren. Ook pisplekken kunnen zorgen dat de grasmat beschadigd raakt.
Over de economische gevolgen van dergelijke blessures is weinig te zeggen. Wel is duidelijk dat deze kosten zeer hoog op kunnen lopen.
De kosten voor het onderhouden en herstellen van deze schades zijn afhankelijk van eisen die aan een veld gesteld worden. Herstelwerkzaamheden zijn veelal in het reguliere onderhoud meegenomen. Daarom is er weinig over te zeggen. Het is wel bekend dat velden kunnen worden afgekeurd om dat verantwoordelijke scheidsrechters het niet verantwoord achten dat er gespeeld wordt.
Als gevolg hiervan, kunnen beheerder en betreffende verenigingen boetes krijgen opgelegd door overkoepelende organisaties.
Daarnaast kan het zo zijn dat geblesseerden sporters verenigingen aansprakelijk stellen voor de gevolgen van opgelopen kwetsuren.
Zoals eerder vermeld zijn over de gevolgen en inzicht in omvang van de schade weinig gegevens bekend.
Herstelwerkzaamheden worden veelal uitgevoerd in het kader van algehele beheer van de terreinen. Veel terreinen worden beheerd door de vrijwilligers van de betreffende verenigingen. Deze gegevens worden niet geregistreerd. Immers, de opgelopen schade is nergens te verhalen. Foto’s leveren in de meeste gevallen de onderbouwing. Verenigingen hebben er groot belang bij dat de schade snel verholpen wordt zodat velden weer bespeelbaar zijn.
Daarnaast vinden veel handelingen plaats op basis van de landelijke vrijstelling en op basis van handelingen gedurende de bejaagbare periode. Registratie van de uitgevoerde handelingen vind niet apart plaats.
Wel worden ondanks de mogelijkheden van de vrijstelling nog ca 10 ontheffingen per jaar aangevraagd voor de situaties die niet onder controle te krijgen zijn.
Schattingen en meldingen zijn derhalve moeilijk te maken.
De geschatte oppervlakte aan sportvelden/terreinen bedraagt ca 2000 ha in Noord-Brabant.
Hiervan is ca 1000 ha in gebruik bij 28 (in aanleg zijnde) golfterreinen. Het ministerie heeft aangegeven dat deze terreinen ook moeten worden gezien als sportvelden in de zin van de Wet.
Via de Faunabeheereenheid zijn in de afgelopen twee jaar 24 ontheffingsverzoeken doorgestuurd naar de provincie. Alle ontheffingsaanvragen zijn door de provincie verleend.
|
Overzicht aangevraagde ontheffingen |
|||||
Aanvraagnummer |
Gemeente |
Werkgebied WBE |
Status |
Aantal handelingen |
Regulatie |
2504 |
s-Hertogenbosch |
‘s-Hertogenbosch oost |
verleend |
30 |
34 |
3505 |
Helmond |
de Helm |
verleend |
25 |
78 |
4705 |
Maasdonk |
’t Elsbosch |
verleend |
6 |
27 |
4805 |
Oirschot |
Moergestel e.o. |
verleend |
4 |
34 |
6405 |
Waalre |
Baronie van Cranendonck |
verleend |
3 |
11 |
6505 |
Oss |
’t Elsbosch |
verleend |
19 |
57 |
6905 |
Leende Heeze |
Baronie van Cranendonck |
verleend |
10 |
20 |
8005 |
s-Hertogenbosch |
’t Elsbosch |
verleend |
4 |
24 |
1406 |
Aalburg |
Land van Altena |
verleend |
8 |
13 |
2106 |
Eindhoven |
Eindhoven |
verleend |
35 |
135 |
2606 |
Someren |
Diana |
verleend |
12 |
100 |
3006 |
Veldhoven |
Zuidoost Kempen |
verleend |
3 |
12 |
4006 |
Waalre |
Baronie van Cranendonck |
verleend |
9 |
73 |
4306 |
Best |
Midden-Brabant |
verleend |
8 |
350 |
6606 |
Maasdonk |
’t Elsbosch |
verleend |
6 |
16 |
7606 |
Leende Heeze |
Baronie van Cranendonck |
verleend |
15 |
58 |
8106 |
Breda |
’t Mastbos |
verleend |
12 |
46 |
8406 |
Deurne |
Bruggen |
verleend |
6 |
31 |
8806 |
Veghel |
Aa en Leygraaf |
verleend |
5 |
68 |
0207 |
Helmond |
de Helm |
verleend |
nog in gebruik |
|
0907 |
‘s-Hertogenbosch |
‘s-Hertogenbosch oost |
in behandeling |
nog in gebruik |
|
1307 |
Deurne |
Bruggen |
in behandeling |
nog in gebruik |
|
1807 |
Oss |
’t Elsbosch |
in behandeling |
nog in gebruik |
|
Totaal aantal handelingen en gedode dieren uitgevoerd op basis van een ontheffing |
220 |
1187 |
|||
In bovenstaande tabel staan de gemeenten vermeld binnen wiens grondgebied ontheffingen voor het bestrijden van konijnen op sportvelden is verleend. Opgemerkt moet worden dat deze ontheffingen alleen zijn aangevraagd in die situaties waar geen gebruik gemaakt kon worden van de
vrijstelling (artikel 65).
Ten aanzien van de gewenste stand kan worden gesteld dat dit een nulstand is. Sportvelden zijn een cultuursituatie waar konijnen niet wenselijk zijn vanwege de schade die zij kunnen veroorzaken met alle gevolgen van dien.
Gezien de relatief kleine oppervlaktes van sportaccommodaties heeft het aanhouden van een lokale nulstand op deze accommodaties geen invloed op de provinciale instandhouding van de soort.
Nulstand betekent dat er allereerst als doel gesteld moet worden, dat wordt voorkomen dat zich dieren vestigen. Rondom sportterreinen zijn veelal hekwerken geplaatst. Hekwerken die in eerste instantie tot doel hebben mensen buiten te houden. Deze hekwerken zijn echter niet konijn werend. Het is voor konijnen niet moeilijk om de terreinen binnen te dringen.
Terreinen hebben vaak vele in- en uitgangen die het grootste gedeelte van de tijd open staan. Het laten plaatsen van een konijnwerend hekwerk is derhalve niet reëel. Dit ontslaat verenigingen niet van de verantwoordelijkheid om te zorgen dat al het mogelijke gedaan zou moeten worden om konijnen buiten te houden. In veel gemeenten worden sportverenigingen geprivatiseerd. Dit scheelt gemeenten veel subsidiegelden, maar heeft tot gevolg dat de kosten voor het plaatsen of aanpassen van rasters voor verenigingen niet op te brengen zijn.
Op alle terreinen vindt onderhoud plaats van de aanwezige beplanting. Het is mogelijk dat het onderhoud zo wordt gepland, dat dichte begroeiing van bijvoorbeeld bramen wordt kort gehouden.
Hierdoor kan een terrein grotendeels onaantrekkelijk worden gemaakt voor konijnen. Het probleem hierbij is echter wel dat de begroeiing op sportcomplexen vaak een functie heeft van windkering of afscheiding. De functie van dergelijke begroeiing bepaalt in hoofdzaak ook het onderhoud van deze begroeiing. Dit betekent dat maatwerk noodzakelijk is en geen standaard beheerplan/onderhoudsplan kan worden opgesteld.
Ook dient te worden opgemerkt dat de aantrekkingskracht op de konijnen wordt veroorzaakt door het wekelijks maaien van de grasmat. Konijnen zijn dol op het jonge gras. Het zal duidelijk zijn dat ten aanzien van het beheer van de grasmat weinig alternatieven zijn.
Ook het aanleggen van kunstgras is geen oplossing. Kunstgras is in de meeste gevallen aangelegd op een zandcunet. Graafschade kan leiden tot het verzakken van speelveld en aangrenzende bestrating.

Ook kunstgras kan met overlast van aanwezige konijnen te maken hebben
Wanneer het optimaliseren van het raster en het aanpassen van het terreinonderhoud onvoldoende resultaat oplevert, zal men genoodzaakt zijn dieren weg te nemen uit het terrein. Dit kan op verschillende manieren gebeuren.
In nagenoeg alle gevallen dient ook rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van sporters of de inrichting en ligging van het terrein. Dit heeft tot gevolg dat niet alle handelingen overal effectief en efficiënt kunnen en mogen worden ingezet.

Op het terrein verblijvende konijnen kunnen verzakkingen veroorzaken
aan speelveld en omringende bestrating.
Fret en buidel
Wanneer op het terrein konijnen pijpen aanwezig zijn is het mogelijk om met fret en buidel konijnen te vangen. De fret wordt in de pijpen los gelaten en verdreven konijnen worden in voor de pijpen geplaatste buidels (netjes) opgevangen.
Bij het gebruik van buidels kan de keuze gemaakt worden of het gevangen dier wordt gedood of in leven kan blijven. Wanneer het dier in leven blijft zal het ergens weer los gelaten moeten worden. Ook dit is een ontheffingsplichtige handeling. De Faunabeheereenheid staat positief tegenover het elders weer los laten van konijnen mits dit niet in de nabijheid van landbouwgrond is. Het is tenslotte niet wenselijk dat diersoorten die landelijk zijn vrijgesteld in relatie tot landbouwgronden in de nabijheid van deze gronden worden losgelaten.
Randvoorwaarden:
- Overal toegestaan
- Alleen mogelijk in terreinen met konijnenpijpen
- Dieren kunnen blijven leven en evt. elders weer worden losgelaten.
- Handelingen vinden plaats bij daglicht, er dient rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van sporters.
Jachtvogels in combinatie met fret of jachthond
In open terrein kunnen jachtvogels zoals havik en slechtvalk worden ingezet voor het reguleren van konijnenpopulaties. De konijnen worden in veel gevallen door fretten uit hun holen verjaagd of door honden (b.v. Springer Spaniëls ) verjaagd uit de dekking. Konijnen die verjaagd worden moeten zich lang genoeg kunnen presenteren voor de jachtvogel.
Konijnen worden bij deze handeling altijd gedood.
Randvoorwaarden:
- Overal toegestaan
- Roofvogels hebben de ruimte nodig. Niet ieder terrein is derhalve geschikt.
- Handelingen vinden plaats bij daglicht, er dient rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van sporters.
Jachtgeweer
Deze handeling vindt al veel plaats in relatie tot de vrijstelling. Wanneer sportvelden buiten de bebouwde kom gelegen zijn in de nabijheid van landbouwgronden is dit ook een prima oplossing. Nadeel is wel, dat er niet apart gegevens worden bijgehouden die een indicatie kunnen geven van de omvang van het aantal noodzakelijke ingrepen.
Het gebruik van het jachtgeweer gebeurd in combinatie met het uitdrijven (evt met honden) van de dichte bossages die gelegen zijn op de terreinen. Ook wordt het jachtgeweer ingezet in combinatie met de fret.
Randvoorwaarden:
- 40 Ha regeling van kracht,
- Wapens van het kaliber 12,16 en 20 kunnen worden gebruikt,
- Handelingen vinden plaats bij daglicht, er dient rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van sporters.
Kogelgeweer in combinatie met kunstlicht
Deze handeling vindt plaats na zonsondergang. Konijnen zijn het meest actief in de nachtelijke uren. Zeker in terreinen waar overdag veel bedrijvigheid aanwezig is, zoals op en rond een sportveld.
Het grote voordeel van dit middel is dat alleen de schadeveroorzakers geschoten worden. Omdat het afschot plaatsvindt op de velden.
Het middel is niet geschikt in gebieden waar veel bestrating aanwezig is of terreinen die omsloten zijn door bebouwing. Ook op en nabij kunstgras is het geen goed middel.
Randvoorwaarden:
- 40 Ha regeling van kracht2,
- Toepassing alleen effectief ’s avonds en ’s nachts,
- Veiligheidsaspect speelt mee,
- Wenselijke wapen kal. 22. Dit wapen biedt vele mogelijkheden door het gebruik van de verschillende patroonsoorten (o.a. short en long rifle) welke kunnen worden gebruikt op verschillende afstanden,
- Melding vooraf bij politie.
De handelingen kunnen plaatsvinden op alle bestemmingplan technische locaties met als de bestemming sportveld of accommodatie.
In Noord-Brabant is ca 2000 ha in gebruik als sportterrein.
Op basis van de thans beschikbare gegevens is de verwachting dat jaarlijks 10 tot 20 verzoeken zullen worden ingediend voor het bestrijden van konijnen op sportvelden.
De Faunabeheereenheid acht het wenselijk, dat alle handelingen die op de sportvelden plaats vinden, gebeuren op basis van dit werkplan. Echter is zij zich ervan bewust dat de vrijstelling in veel gevallen het betere alternatief is dit, omdat hieraan geen bureaucratie gekoppeld is. Een volledige registratie is voor de onderbouwing en de monitoring wenselijker.
Middels communicatie zal dit worden nagestreefd.
Deze vindt plaats conform de werkwijze zoals deze in het faunabeheerplan is vastgesteld.
Ontheffing wordt aangevraagd voor alle bestemde sportvelden en (bijbehorende) terreinen.
Hieronder vallen o.a. terreinen die in gebruik zijn voor het beoefenen van de sporten: atletiek, golf, hockey, rugby en voetbal. Het gezamenlijke oppervlak van de terreinen bedraagt ca 2.000 ha.
Het probleem van schade kan zich gedurende het gehele jaar voordoen. Een piek wat betreft het tijdstip van handelingen is waar te nemen in het voorjaar en zomer. Dit betekent dat dieren moeten worden gevangen of gedood in de periode dat de meeste jongen geboren worden. De Faunabeheereenheid is van mening dat de handelingen in deze periode zoveel mogelijk dienen te worden beperkt. Dit betekent dat voorafgaande aan de beheerperiode al het mogelijke moet zijn gedaan om de omvang van de populatie te beperken (streven naar nulstand). Conform het faunabeheerplan stelt de Faunabeheereenheid als voorwaarde, dat wanneer mogelijk de terreinen moeten zijn verhuurd voor de jacht om de populaties gedurende het jachtseizoen tot acceptabele proporties terug te brengen. Wanneer gronden niet zijn verhuurd voor de jacht, dient een konijnenkerend hekwerk rond het gehele terrein te zijn geplaatst of dient een verklaring te worden afgegeven dat dit binnen twee jaar zal worden gerealiseerd.
Terreinen die twee jaar na de eerste aanvraag nog niet voldoen aan deze voorwaarde komen niet meer voor ontheffing in aanmerking voor een ontheffing op voorhand.
Ontheffing voor de looptijd van het faunabeheerplan tot en met 30 juni 2011.
Als middelen kunnen worden ingezet:
Fret en Buidel;
Jachtvogel in combinatie met fret en/of honden;
Het jachtgeweer (kal 12,16,of 20) in combinatie met fret en/of honden;
Het Kogelgeweer (kal. 22) in combinatie met kunstlicht.
De keuze voor het inzetten is al dan niet met een verklaring van de politie aan de jachtaktehouder die de betreffende handeling uitvoert.
De Faunabeheereenheid verzoek de provincie ontheffing te verlenen voor het reguleren van konijnen op sportvelden ter voorkoming van schade aan deze velden als gevolg waarvan sporters lichamelijk letsel kunnen oplopen.
De aangevraagde ontheffing is in drie type uit te splitsen.
1) Ontheffing conform de werkwijze omschreven in het faunabeheerplan in de bijlage 3 voor het inzetten van de eerder genoemde middelen binnen de werkgebieden waarbinnen op basis van de bestaande gegevens reeds ontheffing is aangevraagd.
Machtigingen worden voor een periode van maximaal 2 maanden afgegeven. Daags voorafgaand aan de eerste handeling wordt de afdeling Handhaving schriftelijk door de Faunabeheereenheid op de hoogte gebracht van de voorgenomen handeling.
2) Ontheffing conform de werkwijze omschreven in het faunabeheerplan in de bijlage 3, voor het inzetten van de eerder genoemde middelen binnen de werkgebieden waarbinnen op basis van de bestaande gegevens reeds ontheffing is aangevraagd.
Echter nadat de ontheffing is geactiveerd dient door de afdeling Handhaving van de provincie een veldbezoek te worden uitgevoerd. Dit veldbezoek dient binnen drie werkdagen na de melding te hebben plaats gevonden. Na terugkoppeling met de Faunabeheereenheid kan tot uitvoering worden overgegaan.
3) Ontheffing van de 40 ha regel in die gevallen dat een sportterrein fysiek geen deel uit kan maken van een bejaagbaar veld, maar wanneer ondanks dat veilig van het hagelgeweer of het kogelgeweer gebruik gemaakt kan worden.
Verklaring van veilige situatie wordt conform de bijlage afgegeven door de locale politie.
Situatie dient te worden ingetekend op een kaart met de schaal 1:10.000 deze dient tevens ondertekend te zijn.
Veiligheidsverklaring
Door Faunabeheereenheid Noord-Brabant is ontheffing aangevraagd voor het bestrijden van konijnen op en rond sportvelden. Deze ontheffing is door de provincie verleend onder het nummer 1287092
Voor het gebruik van het geweer is de 40 ha eis van toepassing.
De provincie is gerechtigd ontheffing te verlenen voor het gebruik van het geweer voor terreinen die niet aan de gestelde eisen voldoen. De eisen zijn vastgelegd in het jachtbesluit.
Voor terreinen die niet voldoen aan de 40 ha eis is het noodzakelijk dat handelingen veilig kunnen plaats vinden.
|
Machtigingscode |
||
Uitvoerende (jachtaktehouder) |
||
Adres |
||
Postcode, Woonplaats |
||
Telefoon/ mobiel |
||
Jachtaktenummer |
||
Jachtaktehouder verklaard dat er ter plaatse geen bejaagbaar veld conform de voorwaarde gesteld in het jachtbesluit te vormen is.
Datum: Handtekening:
Deze veiligheidsverklaring dient derhalve door de Politie te worden ondertekend en afgegeven.
Ondergetekende acht het op basis van de hem/haar aangeleverde gegevens verantwoord dat handelingen met het geweer plaats kunnen vinden.
|
Politie district |
|
Naam Functionaris |
|
Functie |
|
Bureau |
|
Tel: |
|
Middel |
Datum: Handtekening:
Belangrijk !!!
Risico voor de uitvoering blijft in het veld ter beoordeling van de uitvoerende jachtaktehouder. Verklaring heeft een geldigheid tot 31 maart 2008.