GAAI

De gaai is een beigebruine vogel met een zwart/witte staart en vooral bekend om zijn blauwzwarte vleugelveren. Hij wordt 50 tot 60 centimeter groot. Oorspronkelijk een bosvogel, is hij nu veel te vinden in parken en stadsranden. Daar maakt hij een nest in eik of beuk, waar het vrouwtje eens per jaar 5 tot 7 eieren in legt. De gaai eet vooral insecten, aangevuld met eieren en jonge zangvogels. In de winter eet hij eikels, beukennoten, mais, fruit en wat verder voorhanden is.  


WAAROM BEHEER NODIG IS

Gaaien komen overal voor waar opgaand struikgewas en bomen zijn, dus ook in groenvoorzieningen in de bebouwde kom. Ze veroorzaken voornamelijk schade aan fruitteelt. Door het aanpikken van fruit kunnen zij in korte tijd belangrijke schade veroorzaken.

 

HOE VOORKOM JE SCHADE

Gaaien zijn altijd op zoek naar eten, zoals fruit, vetbollen en resten etensafval. Verwijder daarom afval en plaats vogelvoer in speciale voedersilo’s. Gaaien houden verder minder van tuinen met lage struiken en meer van hoge bomen. Kijk voor meer informatie over de preventie voor de fruitteelt naar de preventiekit voor kraaiachtigen van het Faunafonds, onderdeel van Bij12.

 

WANNEER PREVENTIE NIET HELPT

Gaaien worden door de Wet natuurbescherming beschermd maar mogen in Noord-Holland wel worden verjaagd en geschoten onder bepaalde voorwaarden. Dit is geregeld via de provinciale  Verordening Vrijstelling soorten. Op basis van deze provinciale vrijstelling mogen gaaien vanaf 15 juni tot beëindigen van de oogst, en in ieder geval eindigend op 15 november worden verjaagd en gedood als zij schade aanrichten aan appel -en perenbomen in bedrijfsmatige teelt. Daarbij geldt:

 

 PROVINCIALE VRIJSTELLING

 

 gewas:  appel en peer in bedrijfsmatige teelt                           

 periode:  vanaf 15 juni tot beëindigen oogst en in ieder geval eindigend op 15 november 

 

Zie de tekst van de vrijstelling voor de overige voorwaarden .

Voor de diersoort ‘gaai’  is de oude ontheffing Besluit 18 (2014) en Besluit 53 (2015) vervallen, omdat deze in bijna alle opzichten beperkter is dan of gelijk is aan de nieuwe Provinciale Vrijstelling. Maak voor schadebestrijding ‘gaai’ dus gewoon gebruik van de nieuwe provinciale vrijstelling 


HET WETEN WAARD

  • De gaai behoort met de ekster roek, kauw, (bonte) kraai en de raaf tot de kraaiachtigen.
  • De wetenschappelijke naam 'Garrulus glandarius' is vrij te vertalen als 'voortdurend krassende eikelzoeker'.
  • Tegenwoordig noemen we de vogel gaai in plaats van Vlaamse gaai.
  • In het najaar verzamelt de gaai eikels en begraaft die in de grond voor noodgevallen.

 

MEER WETEN

- over de aantallen en verspreiding in Nederland: Sovon/gaai

- over algemene informatie over de gaai: Spreekbeurten/vlaamsegaai